Bron: FAW


Brief d.d. zaterdag 27 oktober 1787 (met rouwrand), toegeschreven aan Mevr E.A, Weerts-Wentholt (1740-1820)

Verklaring:
  • coll (regel 27):
  • mais au bon enten d cur il ne faut qune de[m]ie parole : ?


    
    1	Seer Goede Vrient           den 27 October 	   
    	                                         1787 	   
    	U e[dele] sult sekerlijk mijne laa[t]ste wel 	   
    	ontfangen hebben waarin ik melde hoe het hier 	   
    5	aan huis had toegegaan. Alles liep den volgenden 	   
    	dag ook bij het vertrek wel af. Sedert dat vertrek hebben 	   
    	wij niet gedaan als smeer en vuiligheid weg doen. 	   
    	Str[ont] kalver etc., te vuil om hier verder van te verhalen.	   
    	Door Gods groote goedheid ben ik redelijk tegenswoordig 	   
    10	met de mijnen, en alles verder wel. De eerste markt 	   
    	die dingsdag was, heeft G. de beesten alle verkogt 	   
    	aan enen koppel voor 18 g[u]l[den] en een sestehalf.	   
    	Door malkanderen was niet heel duur, maar wij 	   
    	waren blijde dat se verkogt waren. Gedurig liepen 	   
    15	sij uit het lant willende in de weijde bij G. 	   
    	met gaan. Waren genootsaakt se weer in het 	   
    	andre lant te doen. Was al blijde dat gelt konde 	   
    	krijgen. Heeft daar nog veel [voor] moeten loopen, 	   
    	en het was hier so druk ik k[o]nde met hem daar ook 	   
    20	niet over kremeren en te sien of de volgende markt 	   
    	beter konden verkoopen was onse saak gans niet. 	   
    	Verder als ik het genoegen heb u te spreken hier 	   
    	over nader. Begrijp ligt dat alles dat U e[dele] hebt moeten 	   
    	verrigten seer aandoendelijk was, en de droefheid, weer 	   
    25	dede herleven. Hoope dat het alles tot genoegen 	   
    	van Uw e[dele] sal uitgevallen sijn, en hij gunst van 	   
    	sijn Coll. in het vervolg mag ondervinden en van alles 	   
    	nu wel sal voorsien sijn opdat diegene die er de 	   
    	nauwste betrekking op hebben, een gerustheid mogen 	   
    30	ontwaar worden dat sij alles wel hebben besorgt en 	   
    	hij enig gemak en verkwikking kan hebben 	   
    	so somtijts siek wierd. Omhelst hem nog hartelijk 	   
    	voor ons allen. 	   
    		 
    	                                                               blz. 2	   
    		   
    	Laat hij so dikwijls als mogelijk is schrijven. 	   
    35	Wilt dat tog belasten so je hem nog siet of hem 	   
    	schrijft, ik twijffel of U e[dele] mijn eerste brief wel hebt 	   
    	ontfangen ik kan uit uwe letteren niet opmaken 	   
    	dat je se gekregen hebt, want vinde op niets antwoord 	   
    	dat mij niet soude aanstaan. Also ik al mijn 	   
    40	wedervaaren en resolutie om hier na toe te gaan daar in 	   
    	melde, sij was ook aan van Reyn geadresseert. 	   
    	Ik ben nu redelijk wel na alle ongemene fatiques 	   
    	God heeft mij ondersteundt. Ik sal verder op hem 	   
    	hoopen. Dien heer soude best doen om weer hier 	   
    45	te koomen, also men hem anders so vlugtend[e] 	   
    	sal beschouwen, en een eerlijk man behoeft niet 	   
    	te vlugten. Ook sal de saak die tusschen hem en 	   
    	die bekenden gepasseert is, wel eens op sijnen hoogst geweest sijn.	   
    	Sij hebben mij gegroet, en het discours dat 	   
    50	over haar gehouden is, d[o]or deen Dikken heb ik uw 	   
    	in mijn laa[t]ste gemeld. Op B[rinkgreven] loopt het gemeen en de 	   
    	soldaten selve tot in den hof dog doen geen kwaad. Gaan 	   
    	wel eens bij G. en steeken de pijp aan. Somtijts drie 	   
    	a dog niet sterker. Schieten de Duiven dood !	   
    55	Hoe kan ik die heer nu raden daar te gaan in so een geval. 	   
    	Hij kan gaan waar hij wil, hier of op B[rinkgreven] so hij 	   
    	niet vreesagtig is. Liefts dunkt mij ging ik na R[oss]. Daar gaat 	   
    	EAV. na toe met S[waan], so mogelijk is, binnen 2 dagen, 	   
    	om dat in order te brengen. So dat mevr EAW wel blijft. 	   
    60	M[ilia] Het jongste meydje is niet wel, hoope het sig sal schikken 	   
    	dat heeft vandaag gepurgeert. Ik sprak vandaag een 	   
    	van de vertrouwste vrienden van dien heer  	   
    	die somers logeert op die plaats daar die heer 's morgens 	   
    	met mij langs reed, [toen] nog seyde, so ik wist hij 	   
    65	daar was. Ik soude hem de dood van Schepper eens gauw 	   
    		   
    	                                                             blz. 3	   
    		   
    	communiceeren. Het hekken stont [toen] los. Die 	   
    	heer sijde tegen mij daar sullen aparent jagers 	   
    	door sijn gegaan. (Weet je nu wat voor een het is) Nu die verstandige man 	   
    	was van sentiment dat die heer na die plaats 	   
    70	met sijn vrouw moest gaan daar sij samen 	   
    	nog so veel te doen hebben, en daar die bijden 	   
    	trouwens na toe moeten. Warom daar niet 	   
    	gegaan ? De reden is er voor. Heeft daarom die 	   
    	saken absolut daar nodig en hij sijde dat men 	   
    75	in die stad geen mens een kwaad woord seyde. Sogten daar 	   
    	de luy aan te halen. Ik seyde dat ik van deen 	   
    	heer wel gehoort had. Dat hij daar niet wesen mogt 	   
    	om dat veel in huis soude moeten wesen, dog hij antw[oorde] 	   
    80	mij dat het nu geen tijt was om te seggen ik wil 	   
    	dat niet doen. Men moest nu van twe[e] kwaden een 	   
    	goeden kiesen. De jagt is in ...derlant gesloten x   
    	so dat oude nog jonge daar -- gebruik van kunnen 	   
    	maken. So de keus viel, nu na R[oss] te gaan. 	   
    85	Ik geniet nog al een redelijke rust, en ben tranquil.	   
    	Beter als [toen] ik op een ander swerfde. Oost west en 	   
    	sut. Geen er op volgt is een waarheid, die ik ondervind 	   
    	al was het maar voor ene twe[e] dagen dat dien heer 	   
    	hier kwam. Konde dan vertrekken waar beliefde 	   
    90	evenwel wat was goed. Ik er hem er niet toe aansetten 	   
    	want als die snijdersjonge weer so veel uit en 	   
    	na de stad sal loopen, met sijn ronde hoet, so 	   
    	merken sij dat die heer in de nabijheid is op --- 	   
    	Ik sal egter op die laa[t]ste plaats, een bedje voor die heer 	   
    95	laten. Niet voor de snijder. Laat die, die nagt in het hooy 	   
    	slapen en sent dan G: na de plaats daar ik nu ben.	   
    	Maar hoe sal die heer sijn reys nemen ? Wilt mij 	   
    	
    	x) hier ook hoor ik	   
    	                                       blz. 4	   
    		   
    	so het mogelijk is sul[ks] melden. Ondertussen 	   
    	vind ik het best ik aan de menschen segge 	   
    100	dat samen na de stad gaan daar ik absolut wesen 	   
    	moet. Blijft dan op R[oss] so als dat dan goedge-	   
    	vonden sal worden. Ik schrijf onbegrijppelijk voor 	   
    	iemande die er niet van weet, mais au bon enten 	   
    	d cur il ne faut qune de[m]ie parole.	   
    105	Sl[oet]t is het bijna ook so gebeurd door die bekende 	   
    	bij uw en mij. Die hebben hem gesegt dat sij 	   
    	met hem niet in een geselschap konden wesen. 	   
    	Sij versogten dat hij sig retireeren mogt. Ging ook 	   
    	druipstaartende weg. Dog anderen sijn reets door 	   
    110	haar versogt. Sij wilden dog op 't wijnhuis bij haar 	   
    	lieden koomen. Al de burgers sijn even vriendelijk 	   
    	tegen ons. Ons wedervaart niets. Nog Sw[aan] ook 	   
    	niet. Wij gaan uit en in. Heb vandaag bij d[ominee] 	   
    	Zegerius, de Coll. Schepper, geweest, die hier is, Het eerste 	   
    115	weet je warom also ......  ..... niet geschreven had, 	   
    	wierd het tijt daar voor te sorgen. Dat sal wel gaan 	   
    	denk ik. De Coll. Schepper wilde ik spreeken wegens 	   
    	de obligatien die R Marten. mede heeft genomen. Anders 	   
    	had ik u menheer van avond daar nog over geschreven, 	   
    120	dog daar is geen swarigheid voor. Sullen die ten 	   
    	eersten weer krijgen. Adieu menheer wilt mijn 	   
    	alderbesten vriend van mijn lievde versekeren. God beware 	   
    	hem. Mijn kinder groeten Uw hartelijk en ik ben 	   
    	bij uw bekend.         	   
    125	                                                        TT 	   
    	Hoope alles wel sal afgelopen syen met het bal etc.	x   
    	Als ik in uw plaats was logeer ik liefst in een kleyende logement.	   
    	Onse buuren groeten mij en ik haar ook. 	   
    	Ik verwagt aanstaande [ding]stdag voor vast een brief 	   
    130	in uw post route, na wat - of verkosen wort. 	   
    	In groten haast moet nog meer schrijven en is 10 uur savonts sijt gode aanbevolen.	 
    
    
    

    <<< Terug <<<



    home.deds.nl/~hdebie45/Genea